Beoordelingscriteria prijsvraag bestuursverslag 2008
Inleiding
De NKO organiseert voor de tweede maal de Prijsvraag Oudervriendelijk Bestuursverslag Primair Onderwijs. De winnaar van vorig jaar, de Stichting Primair Onderwijs Venray ging toen met 1500 euro naar huis. Dit jaar kan uw schoolbestuur de gelukkige zijn! Als uw schoolbestuur het bestuursverslag 2008 voor 15 oktober 2009 bij de NKO inlevert, dingt het mee naar de hoofdprijs van 1500 euro. Een deskundige jury beoordeelt elk bestuursverslag op de onderstaande, meer dan twintig, criteria die onderverdeeld zijn in drie categorieën. In februari/maart 2010 vindt de feestelijke uitreiking plaats van de hoofdprijs en de andere prijzen. De tweede prijs is 1000 euro en de derde 750 euro en de speciale prijs is 500 euro. De jury bestaat uit een aantal deskundigen die dagelijks bezig zijn met de jaarverslaglegging in het onderwijs. In de jury zit tevens een GMR-ouder en een deskundige van het Ministerie van OCW
Voor inlichtingen: Martin van Rooyen (rooyenm@nko.nl of 070-3282882)Postadres: NKO, Stadhouderslaan 9. 2517 HV Den Haag, ondervermelding van ‘Prijsvraag Oudervriendelijk Bestuursverslag 2008’
Waar wordt het bestuursverslag 2008 op beoordeeld?
Object voor de prijsvraag 2008 is alleen het (oudervriendelijk) bestuursverslag, zoals bedoeld in art 1 sub e Regeling jaarverslaggeving onderwijs, dat ook al naar het Ministerie van OCW is opgestuurd.
De jury beoordeelt de ingezonden bestuursverslagen (jaarverslagen) op de volgende criteria:
A. Formele
B. Oudervriendelijke
C. Maatschappelijke
A: Formele criteria op basis van de Regeling en de Richtlijn
De formele criteria zijn mede gebaseerd op de Regeling jaarverslaggeving onderwijs (Rjo) en de Richtlijn 660 van de Raad voor de Jaarverslaggeving. In de verantwoording is het van belang dat de beoogde beleidskeuzes worden afgezet ten opzichte van de realisatie en de financiën.
Hierbij zullen als toetsingspunten worden gehanteerd:
- De mate van toelichting op de financiële ontwikkeling 2008 met behulp van o.a. de analyse van de begroting versus de realisatie.
- De wijze waarop de organisatie de meerjarige doelstellingen realiseert en de inspanning hieraan gekoppeld gedurende het kalenderjaar.
- De wijze waarop invulling wordt gegeven aan het vermelden van belangrijke gebeurtenissen gedurende en na het boekjaar, mede ten opzichte van het vorig boekjaar.
- De wijze waarop informatie wordt gegeven op het niveau van organisatorische eenheden.
- De toelichting op het beheersinstrumentarium en de mate van het ‘in control’ zijn van de instelling.
- De toelichting op de begroting voor het komende boekjaar en eventueel de consequenties hiervan.
- De toelichting op vermogensvorming en –aanwending, de scheiding publiek/privaat en beleggen/belenen.
B: Criteria voor oudervriendelijkheid
Als toetsingspunten vanuit het ouderperspectief worden de volgende reguliere en actuele zaken door de jury beoordeeld:
- De toegankelijkheid en leesbaarheid voor ouders.
- Is een missie en visie met doelstellingen beschreven.
- Wat is de visie omtrent het scholingstraject (bijvoorbeeld internationalisering, ICT ondersteuning, begeleiding, bijzondere aandacht).
- Hoe wordt zorg gedragen voor een adequate personele bezetting en welke doelstellingen zijn er omtrent de kwaliteit en continuïteit.
- Wat is de visie van de instelling omtrent de huisvesting.
- Hoe wordt er omgegaan met de tussenschoolse opvang en indien aanwezig de voor- en naschoolse opvang en waarborgen hiervoor.
- Hoe wordt verantwoording afgelegd omtrent de ouderbijdragen, code goed onderwijsbestuur, door een eventuele Raad van Toezicht en door de (Gemeenschappelijke) Medezeggenschapsraad.
- Informatie over onderwijsprestaties, leerresultaten en onderwijsbeleid (o.a. uitkomsten, Cito-toets, uitstroomniveaus leerlingen), veiligheid, afzonderlijke locatie, rol ouders, identiteit, kwaliteitszorg (tevredenheid betrokkenen), bedrijfsvoering (o.a. schoolverzuim, lesuitval, onderwijstijd, overhead, financiën, vermogensvorming en financiële prognose), de toekomst en de eventuele toelichting en acties van de school op deze zaken.
- Gebruik van gesegmenteerde informatie (sector, opleiding, locatie), foto’s, tabellen, grafieken, prestatie-informatie en -indicatoren (norm, prognose, realisatie), ontwikkeling in de tijd en externe benchmarks op basis van vergelijkbare groepen scholen.
- Verspreidingskring en evaluatie van het bestuursverslag.
C: Maatschappelijke criteria
Tevens is van belang de rol die het bestuursverslag speelt in de horizontale (en verticale) verantwoording, dialoog met belanghebbenden en de aandacht voor maatschappelijk verantwoord ondernemen. Concreet hanteert de jury de volgende toetspunten:
- Waarom wil het schoolbestuur zich verantwoorden (los van de wettelijke verplichting).
- Welke activiteiten worden ontplooid om de interactie met belanghebbenden te bewerkstelligen over de verstrekte verantwoordingsinformatie.
- Welke rol speelt het verantwoordingsproces bij het herformuleren van nieuw beleid?
- Welke rol speelt het verantwoordingsproces bij de gedragsbeïnvloeding van de medewerkers.
- Welke doelen wil het schoolbestuur realiseren met de verantwoording en wat betekent dit voor het proces qua inhoud, vorm en frequentie.