Kleutertoets signaleert dreigende leesproblemen
Al in groep 2 is vrij goed te voorspellen welke kinderen aan het eind van groep 3 van de basisschool onvoldoende kunnen lezen. Het gaat om tien tot vijftien procent van de leerlingen.
Als de leesproblemen direct worden aangepakt kunnen deze kinderen in hun basisschooltijd toch nog een redelijk leesniveau halen. Nu wachten scholen vaak te lang, vindt schoolpsycholoog Wim Verhagen. ‘Hoe vroeger je helpt, hoe groter de kans dat de leerling nog goed gemotiveerd is. De achterstand hoeft dan niet verder op te lopen.’
Verhagen promoveert 27 januari aan de Radboud Universiteit Nijmegen op een studie naar de voorspelbaarheid van leesprestaties. Vooral het tempo waarmee kleuters letters en cijfers kunnen benoemen blijkt een goede voorspeller van leesprestaties. Inmiddels is er een toetspakket beschikbaar mede op basis van zijn resultaten.
Aan het einde van groep 3 kan 10 tot 15 procent van de leerlingen onvoldoende lezen. Zij lezen langzaam, maken veel fouten of doen beide. Dat is een groot probleem; leesachterstand is zeer hardnekkig. Kinderen met leesproblemen aan het einde van groep 3 krijgen het daardoor vaak moeilijk in het verdere onderwijs en soms ook in het persoonlijke leven. 'Vroeg opsporen is het devies; en dat kan in de kleuterklas', aldus Wim Verhagen.
Het is goed dat leerkrachten op basis van hun dagelijkse omgang met de kleuters letten op signalen voor latere leesproblemen, zoals het niet kunnen herkennen of schrijven van de eigen naam omstreeks het midden van groep 2, of het moeilijk leren van de namen van kleuren en dagen van de week. Ook navraag doen over dyslexie in de familie kan belangrijk zijn, omdat dyslexie bij sommige kleuters erfelijk is bepaald.
(Bron: Radboud Universiteit Nijmegen)