Aantal profielen bovenbouw havo-vwo niet verminderen
De Onderwijsraad, het belangrijkste adviesorgaan van de minister van onderwijs, vindt het niet verstandig om nu het aantal profielen in de bovenbouw van het voortgezet onderwijs te verminderen. De vervanging van vier naar twee profielen leidt niet tot een inhoudelijke verbetering. Voor de scholen is er ook in organisatorisch opzicht geen winst te behalen. De raad sluit op termijn, in samenspraak met het hoger onderwijs, een herziening van de profielstructuur niet uit. Het gaat dan om nieuwe en andere keuzes in de vakken die scholen aanbieden en combinaties van havo en vwo. Dat vraagt eerst een grondige analyse van de programma’s van havo en vwo.
Achtergrond
Hoe zat het ook al weer met die profielen? In december 2010 kondigde minister Van Bijsterveldt in het nieuwsbericht over het Actieplan Beter Presteren aan dat zij het aantal profielen wil terugbrengen van vier naar twee. De achtergrond van deze keuze is tweeledig.
1. Vanwege de vroegtijdige keuze (vóór hun 16e jaar) ondervinden leerlingen teveel belemmeringen bij hun latere studiekeuze. Bovendien sluiten de huidige profielen slecht aan op de talrijke studierichtingen (1000 à 1500 studies) in het hoger onderwijs.
2. In krimpregio’s wordt het voor scholen steeds problematischer om de vier profielen en alle afzonderlijke vakken van die profielen aan te bieden. Scholen die (vanwege minder profielen) minder vakken geven, hoeven hun leerlingen over minder klassen te verdelen. De verwachting is dat zij daardoor doelmatiger en goedkoper kunnen werken en minder te maken krijgen met een overladen lesrooster. Bovendien bespaart het kabinet € 50 miljoen met de vermindering van het aantal profielen.
De minister wilde, alvorens haar plannen door te voeren, eerst advies ontvangen van de Onderwijsraad. De raad heeft echter beide argumenten ontkracht.
Huidige ruimte
De Onderwijsraad benadrukt bovendien dat scholen binnen de huidige wettelijke regels alle ruimte hebben om twee brede standaardprofielen aan te bieden. Bijvoorbeeld een school met twee standaardprofielen biedt leerlingen de keuze uit een natuurprofiel met vakken x, y en z, en een maatschappijprofiel met de vakken a, b, en c. Wel moet de school leerlingen formeel steeds de keuze bieden tussen wiskunde A of B in het natuurprofiel en tussen wiskunde A en C in het maatschappijprofiel op de havo. Kortom, zo luidt de conclusie van de Raad, er is geen noodzaak om twee brede profielen voor alle scholen wettelijk vast te leggen.
Oorzaken slechte aansluiting
Verder concludeert de raad dat niet de huidige profielstructuur het probleem is, als het gaat om de aansluiting tussen voortgezet en hoger onderwijs. Het eigenlijke probleem is het (verschillende) niveau van de doorstromende leerlingen. Vertegenwoordigers van het hoger onderwijs wijzen vooral op oorzaken als: de gebrekkige beheersing van taal en rekenen, het onvoldoende abstract kunnen denken en de verschillende niveaus van beheersing van verschillende vakken.
Een vak als wiskunde bevordert het analytisch vermogen. Daarom is de raad er voorstander van te onderzoeken of een vorm van wiskunde ook verplicht kan worden voor het havo-profiel cultuur en maatschappij (is nu niet het geval). Minister Van Bijsterveldt voelt daar wel voor. Uiterlijk maart komt zij met een definitief standpunt over de profielen.
Door: NKO / a.vanrooijen@nko.nl

